Nummer 14

Wanneer je verkozen bent tot beste hockeyer van de wereld 2003, dan behoor je tot het rijtje der groten in de sport. Het Eindhovens Dagblad noemde Teun de Nooijer (rugnummer 14) zelfs in één adem zelfs met Johan Cruijff en Marco van Basten. Als je zijn naam intikt bij de zoekmachine Google op internet, dan krijg je maar liefst veertig pagina’s met informatie vanuit alle werelddelen. Nou moet ik u bekennen dat ik het spelletje zelf ook beoefen, maar dan wel op een wat lager niveau.

Iets dat mij in de hockeysport altijd is opgevallen, is dat het vooroordeel wat je hebt over de beoefenaars van deze sport, ook opvallend vaak klopt. Behalve het feit dat hockey echt een familiesport is, is het ook de sport van studenten en hoger opgeleiden. Ze beoefenen naast hockey vaak ook golf of tennis, ze skiën in de winter, zijn zeer sociaal, met name ná de wedstrijd, en ze zijn niet vies van alcoholische versnaperingen, zoals bier en sherry.
Het clichébeeld wordt helemaal compleet als ik het over de ongeschreven kledingcode heb rond het hockeyveld. Loop in gedachten maar even mee: je ziet veel, nee, heel veel rib-broeken en lambswool pull-overs, terwijl merken als McGregor, Tommy, Façonnable en Polo Ralph Lauren zijn bijna verplicht lijken te zijn.

 

Toch verzeker ik u dat de hockeysport zeer modern te noemen is en de kleding ín het veld is de afgelopen jaren in een sneltreinvaart aangepast aan de eisen van deze tijd. Daar waar er een aantal jaren terug nog gespeeld werd in club-overhemden, gecombineerd met wollen bermuda’s, daar is men nu rap overgegaan tot poloshirts met goed gesneden shorts. Inmiddels heeft ook het strak aangesloten shirt zijn intrede gedaan en ziet het er allemaal niet alleen een stuk sneller uit, maar ook aantrekkelijker. Hoewel, voor sommige atleten was het cluboverhemd toch een elegantere oplossing. Maar dit terzijde.

Teun de Nooijer lijkt mij iemand die erg betrokken is bij de ontwikkelingen in zijn sport en er dagelijks mee bezig is. De bevestiging daarvan kreeg ik toen ik hem probeerde te bellen voor een afspraak : ‘Ja met Teun, sorry, maar ik sta een training te geven aan kinderen, bel straks even terug alsjeblieft!’ U moet weten dat het herfstvakantie was en ik belde om 11.00 uur in de ochtend.

We kennen Teun uitsluitend in sporttenue en ik ben benieuwd wat zijn mening en kledingsmaak is buiten het hockeyen. Of zou hij dáár helemaal niet mee bezig zijn?

Als de fotograaf zijn eerste plaatjes schiet staat Teun de Nooijer in zijn hockey-outfit voor een van de spiegels. Wat direct opvalt is de power die hij uitstraalt, een kracht die niet opviel toen hij bijna bescheiden binnen kwam in zijn Tommy jack. Via de spiegels valt mijn oog op dat magische rugnummer. 14….

 

Heb jij dat rugnummer zelf gekozen?

 

‘Nee, eigenlijk niet. Ik heb het bij toeval gekregen. 14 was al een tijdje vrij bij het Nederlands elftal en ik kreeg het op enig moment toegespeeld door de teammanager. Hij vond dat het nummer bij me paste. Later heb ik wel zelf het nummer gekozen bij mijn club Bloemendaal.
Ik voel me goed bij dat nummer en mensen in mijn omgeving vinden dat ik eenzelfde motoriek heb als die andere bekende nummer 14. Ik ben daar dankbaar voor, want Johan Cruijff is mijn grootste sportidool.’

Wat een bescheidenheid. Teun de Nooijer is zelf wereldwijd een van de grootsten in zijn sport en hij praat bovendien over hockey met grote passie. Nadat ik hem geconfronteerd heb met mijn vooroordelen over hockeyers, wijst hij er fijntjes op dat deze vooroordelen snel aan het verdwijnen zijn. Hij vertelt dat hockey de snelst groeiende teamsport in Nederland is. Daardoor is het een steeds betere weerspiegeling van de maatschappij en dus vanzelf minder elitair. Hockey is eerder onderweg volksport nummer twee van Nederland te worden. Als hockeyer is De Nooijer dus op de hoogte van de algemene ontwikkelingen in zijn sport. Als topsporter houdt hij zich daarnaast uiteraard ook bezig met details. Zeker die kleine dingetjes, waar je misschien wel een topwedstrijd mee kunt beslissen.

 

Past kleding in die details?

 

‘Jazeker, kijk alleen maar naar de laatste Olympische Spelen. De Australiërs trokken mouwloze shirts aan, dat gaat mij dus te ver. Onze ijsvesten waren aan mij niet besteed, wij speelden in de avonduren met een frisse wind over het veld, dus was voor mij die afkoeling niet nodig. Toch vindt ik het goed dat daar over nagedacht wordt. De discussie rond ons tenue in het veld vond ik dan ook belangrijk. We wisten dat het warm zou kunnen worden, dus de materiaalkeuze was van groot belang. Maar nog belangrijker was de uitkomst van deze discussie. We speelden voor het eerst volledig van top tot teen in het oranje. Denk erom dat zoiets voor de tegenstander als een hecht blok overkomt. Ook onze keeper heeft lang nagedacht over zijn kleurkeuze. Hij nam zwart, omdat een spits die op de keeper af gaat vanuit zijn ooghoek toch iets zeer imposants op zich af ziet komen. Als hem dat ook maar even doet twijfelen, dan kan dat het verschil maken in een wedstrijd.’

Over impact van kleding en oog voor details gesproken!

 

Wat vond je dan van jullie entree tijdens de openingsceremonie?

 

‘We stonden meteen met 1-0 voor, zeker bij de Engelse delegatie. Daar waren zelfs een paar hockeyers bij die ons mededeelden, dat ze bij het zien van onze outfit vonden dat ze zelf voor joker liepen in hun trainingspakken. We vormden inderdaad een trots en hecht team. Allemaal in het wit en de accessoires in fel oranje, dát is pas binnenkomen! Het was sowieso leuk om naar al die verschillende kleding te kijken. Met name de Russen vond ik top. Een beetje dandy en dan die hoeden die ze droegen, geweldig!’

 

Waar moet jouw kleding aan voldoen in je leven buiten het sportveld?

 

‘Kleding moet bij mij vooral lekker zitten en het moet er goed uitzien. Op dit moment draag ik veel casual, maar als ik straks klaar ben met mijn studie dan zal ik in het bedrijfsleven ook de dresscode moeten gaan aannemen die daar geldt. Kan jij me mooi helpen, Rick! Zeg maar wat ik moet dragen straks!’

Mijn tips voor elke beginnende young professional luiden als volgt. Zeker als je pas begint met het opbouwen van je formele kledingkast zou ik uitgaan van minimaal twee tot drie basisachtige pakken en dat afwisselend combineren met shirts en dassen, zodat je er altijd fris en anders uitziet. De zware, modische streep-pakken komen later wel een keer. Als je kledingkast verder is uitgebreid, ga in je combinaties dan niet verder dan drie verschillende kleuren. Op die manier ben je nooit over- of erger: underdressed, Denk aan je schoenen: zorg dat ze gepoetst zijn. Dat zegt namelijk veel over de drager!

 

Wat draag jij als je naar officiële gelegenheden heen moet, maar een smoking overdone is?

 

‘Ja, dat is lastig, soms een pak en geen das, maar dat is vaak minder geschikt voor prijsuitreikingen of soortgelijke evenementen of feesten.’

Dan is mijn keuze voor Teun de Nooijer snel gemaakt. Zeker in de feestelijke maanden die voor ons liggen en waarin kledingkeuze een belangrijke rol speelt. Ik kies voor een zwart velours pak met daarin een dunne streep, een traditioneel smokinghemd inclusief manchetknopen, zonder strik en natuurlijk met lakschoenen eronder. Het geeft een extra cachet en getuigt van goede smaak, waarbij de omgeving zich direct realiseert dat hier goed over is nagedacht, terwijl hij niet uit de toon valt. Deze outfit komt uit de kledinglijn van Humberto en past bij Teun de Nooijer, hij is immers ‘s werelds beste hockeyer en daar hoort kleding bij van een van de best geklede Nederlandse mannen.

 

Wat vind je ervan?

 

Lang blijft het stil na deze vraag, iets te lang naar mijn zin. Dan, aarzelend: ‘Wel wennen hoor, vooral die glimmende schoenen. Ik zou zelf kiezen voor een minder opvallende schoen. Aan de andere kant…. Mmm, ik had eigenlijk mijn vrouw moeten mee nemen, die heeft daar veel meer kijk op’.

Ik kan niet nalaten een glimlach om mijn mond te toveren. Prachtig dat zo’n wereldster zich zó kwetsbaar op durft te stellen. Anderzijds: alleen de écht groten durven dat!

Tekst: Rick Moorman